De Sint-Martinuskerk van Volkegem, in beeld en verhaal

~~ geschreven door Ilse Bostyn / poëzie Ilse Bostyn / foto’s interieur kerk Ilse Bostyn / met dank aan Cederik Nies & Cenidrone, dronefotografie Cenidrone / met dank aan Matthias Gyselinck, foto’s Sint-Martinuskerk Volkegem / met dank aan Marc Maryns, research gegevens ‘pastoors van Volkegem’

Op een koude winterdag wandelde ik de Sint-Martinuskerk in Volkegem binnen. Een warm en kleurrijk gebedsoord verwelkomde mij. Bekend maar altijd weer bijzonder, deze oude plek. Zij brengt tot rust en verwondering. Zij stemt tot mijmeren over de talrijke verhalen die het dorp al vele eeuwen lang in zichzelf bewaard. Sommige bekend, vele onbekend.

Onderstaande slideshow geeft u een impressie van het warme interieur van de kerk op die winterse dag (klik op de pijltjes om de foto’s te bekijken). Daarna neem ik u graag even mee op een kleine ontdekkingstocht. Naar het verre verleden van Volkegem, de maagschap van Fulko, het ontstaan van de Sint-Martinusparochie, de oude kerk hoog op haar heuvel, Rogier van Brakel, orgelbouwers vader en zoon Hubeau, een houten beeld uit de 15de eeuw (of zelfs twee!), Simon de Pape, een oogstrelend retabel, adellijke families, Sint-Maarten, een herberg die ooit dorpsschool was en een warme, kleurige kerk.

Kies maar wat u lezen wilt. Reis hier naar wat u interessant vindt of geniet gewoon van de sfeer. Gaat u mee?

Sint-Martinuskerk Volkegem, doksaal boven het westportaal met orgel – orgel gebouwd in 1821-22 door Jacob Hubau en zoon Francies uit Nukerke – orgelfront versierd met gepolychromeerd paneel met muziekinstrumenten en slang – foto Ilse Bostyn

De nevelen van een ver verleden

De oudste sporen van bewoning op Volkegems bodem gaan ver terug in de tijd. In onze streek zijn veel bewijzen van de aanwezigheid van de prehistorische mens terug te vinden. Wanneer we in de tweede helft van de IJzertijd zijn aanbeland, hebben Kelten (Galliërs) en Germanen zich in Noordwest-Europa gevestigd. Zij lieten sporen na die we tot op de dag van vandaag merken, al zijn we ons daar vaak niet bewust van. Dan denk ik bijvoorbeeld aan onze taal en de vele plaatsnamen.
En dan, in de laatste decennia vóór het begin van onze jaartelling vallen de Romeinen onze contreien binnen. Het bewijs van hun aanwezigheid is nog heel duidelijk zichtbaar in onze dorpen. Dan heb ik het vooral over het wegennet. Wanneer u tussen Mater, Volkegem en Ename reist, zult u meestal de route van een oude Romeinse weg volgen.

De oudste teruggevonden vermelding van de plaatsnaam ‘Folkengem’ dateert uit het jaar 1110. Dit is een Germaans toponiem dat ‘Het huis van de lieden van Fulko’ betekent. De naam betekent simpelweg: op deze plek woonden Fulko (of Folko) en zijn lieden. Familie, bedienden, ieder die een thuishaven en bescherming vond bij de man die Fulko heette en die ‘heer’ was over zijn domein.

Voor wie dit etymologisch gegeven interesseert: even verderop ligt het dorp Leupegem en uit dit toponiem kunnen we dus afleiden dat daar ‘het huis van de lieden van Lupo’ was. In Moregem vinden we ‘het huis van de lieden van Mauro’. In Petegem ‘het huis van de lieden van Petta’. In Elsegem ‘het huis van de lieden van Haliso’. In Meilegem ‘het huis van de lieden van Malinga’. In Wortegem ‘het huis van de lieden van Wardo’. In Zottegem ‘het huis van de lieden van Sotto’. En zo kunnen we doorgaan met de vele plaatsnamen die afstammen van een Germaans toponiem en waar onze streek zo rijk aan is.

Volkegem met de Sint-Martinuskerk – foto Cederik Nies, Cenidrone

Dit wijst dus op een vroeg-middeleeuwse nederzetting. Dat is niet verwonderlijk op deze plek, hoog boven op de Volkegemberg, langs een knooppunt van drie belangrijke Romeinse wegen, niet ver van de Scaldis (de Keltische naam voor ‘Schelde’, betekenend ‘schitterende rivier’) en met veel waterbronnen in de nabijheid. Het was een uitgelezen locatie om zich te vestigen.
Tijdens archeologisch onderzoek werd een middeleeuwse nederzetting gelokaliseerd op de kouter achter de kerk van Volkegem (begin jaren ’90 van de 20ste eeuw). In deze periode bezat Volkegem naar alle waarschijnlijkheid reeds een eerste bidplaats.

De Sint-Martinuskerk werd vermoedelijk in de 7de eeuw opgericht. Want Volkegem ontwikkelde zich als de moederparochie voor omliggende parochies. Daaronder vielen de altaren van Edelare, Pamele en Leupegem. Van deze parochies weten we dat ze zich afsplitsten en zelfstandig verder gingen, respectievelijk in de 11de, begin 12de en 13de eeuw.
Het patronaatsrecht van de uitgestrekte moederparochie met de aan haar verbonden altaren werd in 1110 geschonken aan de grote Sint-Salvatorabdij van Ename.

Ingang westportaal Sint-Martinuskerk Volkegem – foto Matthias Gyselinck

Een heerlijkheid

Ook juridisch hoorden Volkegem, Edelare, Leupegem en Pamele bij elkaar. De vier plaatsen ressorteerden onder de rechterlijke macht van één vierschaar (horend bij het leenhof van Pamele).

Bestuurlijk viel Volkegem onder de heren van Volkegem. Want met de komst van de Middeleeuwen ontstond geleidelijk een nieuwe bestuursvorm: het leenstelsel. Volkegem was zo een ‘leen’ onder de leiding van een ‘heer’. Wie de vroegste heren van Volkegem waren is niet duidelijk. De oudst bekende heren van Volkegem zijn leden van de familie van Berlaymont (eind 13de eeuw en eerste driekwart van de 14de eeuw). In 1371 verkoopt Jan van Berlaymont het ‘leen Volkegem’ aan de Gentenaar Jan van der Straeten en deze verkoopt het kort daarna door aan een telg uit een Gentse weversfamilie, Jan uter Galeyden.

Vlakbij de kerk bevond zich ‘het goed te Volkeghem’. Dit goed wordt vermeld in een document uit 1374. Het was eigendom van de heren uter Galeyden. Een aanverwante (of dezelfde?) heer Jacob uter Galeyden wordt in een Gentse wezenakte van 1374 vermeld als eigenaar van ‘het goed te Parijs’ (Deinze).

In de 15de eeuw neemt opnieuw een familie uit het Gentse het bestuurlijk stokje over: de adellijke familie de la Kethulle. Een familie die zich thuis mocht heten aan het Bourgondische hof.
Jan I van der Kethulle (1361-1433) was secretaris van de hertogen van Bourgondië Filips de Stoute, Jan zonder Vrees en Filips de Goede. Zijn zoon Jan II van der Kethulle (gestorven in 1457) was heer van Volkegem, secretaris van Karel de Stoute en zetelde 44 jaar lang in de Raad van Vlaanderen. Hij was ‘bewaarder van de oorkonden van Vlaanderen’.

Een zijsprong: de godsdiensttroebelen van de 16de eeuw brachten ook in deze adellijke familie de nodige splitsing en verwarring. Zo werd een kleinzoon van Jan II, François de la Kethulle, een bekend Gents protestants volksleider. Hij week uit naar de noordelijke Nederlanden en schaarde zich met zijn zonen onder de prins van Oranje.

Het dorpsplein in Volkegem is vernoemd naar de familie de la Kethulle: het De la Kethulleplein. Vóór 1965 was dit de Dorpstraat.

Dorpskern van Volkegem met de Sint-Martinuskerk, de pastorij, de zondagsschool, de oude herberg ‘Den Obus’, twee gesloten hoeves – De La Kethulleplein, de Bagettestraat, de Rogier van Brakelstraat en de Volkegemberg – foto Cederik Nies, Cenidrone

De Sint-Martinuskerk

Vanaf haar plaats hoog en centraal ‘op den Volkegemberg’ kijkt de kerk uit over de Scheldevallei.
Zoals ik al eerder schreef bestond er een oudere bidplaats op deze plek. Volgens historicus Geert Berings mogen we deze dateren in de vroege 7de eeuw. De bidplaats zou toen al aan de heilige Martinus gewijd zijn. Iets wat niet verwonderlijk is want de verering van deze heilige werd sterk aangemoedigd in de tijd van de christianisering van onze contreien. We praten dan over de Merovingische periode (5de-8ste eeuw). Dichtbij vinden we meer Sint-Martinuskerken: in Melden, Edelare, Welden, Mater.

Eind 11de – begin 12de eeuw werd een eenbeukig zaalkerkje in Romaanse stijl gebouwd. De bouwsteen is, typisch voor deze periode in onze contreien, Doornikse kalksteen. Later, eind 15de – begin 16de eeuw, werd er een zuidelijke zijkapel aangebouwd. In deze periode werden meer aanpassingen gedaan. Zo werd een recht gesloten koor gebouwd op de plek van het oude, Romaanse koor. De Romaanse lichtopeningen werden vervangen door grote rondboogvensters en het westportaal door een grote rondboogpoort. In de eeuwen daarna volgden nog enkele aanpassingen en restauraties.

Wanneer we nu de kerk binnen komen merken we vooral de interieurdetails uit de 17de, 18de en 19de eeuw. Het bepleisterde en met stuc versierde plafond, het doksaal, het barokaltaar van Sint-Martinus, het orgel, de preekstoel.
Het stucwerk van het plafond was tot 1990 polychroom. In dat jaar werd alles wit geschilderd.

Een herberg genaamd Sint-Martinus

Midden in het dorp, op de hoek tegenover de kerk en de pastorij, staat een oude dorpsherberg. Deze wordt sedert de inslag van een obus tijdens de laatste dagen van de Eerste Wereldoorlog café ‘Den Obus’ genoemd. Maar vóór die tijd was de naam van de herberg ‘Sint-Martinus’.

We zien op oude kaarten (zoals de Ferrariskaart van Volkegem, dd 1771-1778) dat er al een woning op deze plek staat. Het betreft dan enkel een boerenwoning parallel aan de Bagettestraat.
Later kwam daar een lager bijgebouw bij, haaks op de woning en palend aan de kant van het dorpsplein. Dit bijgebouw zien we nog niet op de Poppkaart (kadastrale kaart, dd 1842-1879).

De kadastrale leggers bij de Poppkaart vermelden dat in dit gebouw twee woningen en een schooltje gevestigd waren. De percelen staan op naam van de toenmalige koster Ferdinand Vanovermeire.
We zien op de leggers 5 perceeltjes weergegeven: aaneengesloten een klein schooltje, een kleine woning en een iets grotere woning in het midden, aan de westzijde vóór het huis een boomgaard en aan de zuid- en oostzijde een tuin.

Volkegem dorpskern 19de eeuw – Popp-kaart, kadastraal plan dd 1842-1879 – bron: Geopunt

Sint-Martinus

Maarten, bisschop van Tours, werd geboren in Kroatië ca 316 en overleed in Frankrijk op 8 november 397. Hij is een belangrijke grondlegger van het katholieke christendom in Gallië. Zijn naamdag valt op 11 november, de dag van zijn begrafenis.

We kennen Sint-Maarten vooral van de barmhartige daad die hij stelde toen hij op een koude, winterse dag zijn mantel deelde met een bedelaar. Maarten was toen soldaat in de keizerlijke garde (Romeinse tijd) en droeg de bekende, rode soldatenmantel. Een kledingstuk dat een statussymbool was in die tijd. Maar de vrijgevige Maarten stond erom bekend geen belang te hechten aan bezittingen en toen hij bij een stadspoort van Amiens een verkleumde bedelaar zag zitten, aarzelde hij niet om zijn mantel met zijn zwaard in twee stukken te snijden. Hij schonk de helft aan de bedelaar.
Die nacht zag hij in zijn droom Jezus, die de halve mantel droeg. Hij werd herinnerd aan de woorden uit het bijbelboek Mattheüs waarin Jezus zegt: ‘Ik was naakt en gij hebt Mij gekleed’ en ‘Als ge dat voor één van mijn geringste broeders hebt gedaan, hebt ge het voor Mij gedaan’.

Maarten verliet het leger en trok rond als prediker. Hij leefde een tijd als kluizenaar op een eiland bij Genua en stichtte in het jaar 361 een klooster te Ligugé, nabij de stad Poitiers. Dit staat bekend als het eerste klooster op Franse bodem. In het jaar 371 koos de bevolking van Tours Maarten tot bisschop van hun stad.
Als bisschop kon hij zich goed inzetten voor de verspreiding van het christelijk geloof. Hij stichtte kerken en in 372 ook de bekende Abdij van Marmoutier. Deze ligt vlakbij Tours maar aan de overzijde van de Loire. In de hagiografie van Sint-Martinus schrijft zijn biograaf Sulpicius Severus dat Martinus zich daar terugtrok om aan de druk van het leven als bisschop te ontsnappen.

‘De heilige Martinus deelt zijn mantel’, schilderij door Simon de Pape (1673), barokaltaar in zuidelijke zijbeuk – foto Ilse Bostyn.

Rogier van Brakel

Rogier van Brakel was pastoor van de Sint-Martinusparochie in de 15de eeuw. In de kerk vinden we zijn grafsteen terug. Deze is gemaakt van hardsteen waarin de figuur van de pastoor gegraveerd is.

We kennen Rogier van Brakel vooral door het verhaal van het miraculeuze beeldje van Onze-Lieve-Vrouw van Kerselare. Het was pastoor Rogier die in 1441 dit kleine, houten beeldje in een nis in de muur van de Volkegemse pastorij plaatste.
In 1452 overleed de pastoor en op de feestdag van Sint-Lucas (18 oktober) van dat jaar laat Rogiers zus, jonkvrouw Catharina van Brakel, het beeldje ophangen in een kerselaar. Deze kerselaar stond op het grondgebied van Edelare en langs de steenweg Oudenaarde-Geraardsbergen. Naast de boom wordt een kapelletje gebouwd waar bedevaarders de mis konden bijwonen. In 1455 gebeurt te Kerselare een eerste wonder en vanaf toen vonden veel mensen hun weg naar het bedevaartsoord. Tot op de dag van vandaag.
Het verhaal van Kerselare is een bijzonder verhaal geworden. U kunt hierover lezen op deze website: Ontstaan van het bedevaartsoord Kerselare.

Pastoors van Volkegem

Een overzicht van de pastoors van Volkegem, met dank aan Marc Maryns (research, gegevens, tabellen © Marc Maryns).

NAAMGEBORENOVERLIJDEN 
 JaarDatumPlaatsJaarDatumPlaatsLeeftijd
Vander Linden, Franciscus176109.11?181127.09?50
De Sadeleir, Dominicus183213.05Mere189216.01Laarne60
Van der Linden, Augustus185518.06Nederbrakel190821.06Volkegem51
De Fruytier, Florent186528.08Berchem192102.12Volkegem56
De Clercq, Prosper188225.10Moerzeke196114.05Belsele79
Notte, Marcel190309.10Gent197413.12Zwijnaarde71
Robbens, André192411.03Nazareth197619.09Kaprijke52
Van Den Heuvel, Piet191324.04Nederland199027.02Leuven77
De Vos, Amedeus187515.12Volkegem195102.01Deinze76
Tabel pastoors van Volkegem (geboorte en overlijden) – bron: ODIS, overzicht © Marc Maryns

NAAMWIJDINGVOLKEGEMSE PERIODE en FUNCTIEINFO
 DatumVanAmbt Tot 
Vander Linden, Franciscus (1761-1811) 02.07.1805Pastoor31.09.1810+ Edelare
De Sadeleir, Dominicus (1832-1892)22.12.186019.12.1861Coadjutor09.05.1862 
Van der Linden, Augustus (1855-1908)03.06.188208.11.1901Pastoor21.06.1908Overlijden
De Fruytier, Florent (1865-1921)31.05.189028.02.1915Pastoor02.12.1921Overlijden
De Clercq, Prosper (1882-1961)22.12.190728.06.1933Pastoor20.09.1949Ontslag
Notte, Marcel (1903-1974)02.02.192820.09.1949Pastoor23.01.1958 
Robbens, André (1924-1976)25.02.195815.06.1958Coadjutor16.06.1958 
Van Den Heuvel, Piet (1913-1990)25.09.193820.07.1972Pastoor06.02.1977 
De Vos, Amedeus (1878-1951)   Geboortig van
Tabel pastoors van Volkegem (wijding en bediening in Volkegem) – bron: ODIS, overzicht © Marc Maryns

Houtsnijwerk uit de 15de eeuw

Eén van de oudste kunstschatten in de Sint-Martinuskerk van Volkegem is het eikenhouten beeld van ‘Anna ten Drieën’. Het dateert uit de 15de, mogelijks 16de eeuw. De voorkeur gaat hier uit naar de 15de of vroege 16de eeuw omdat in die periode de figuur van Maria nog werd afgebeeld (als meisje) zittend op de arm van Anna, met het kind Jezus dan op Maria’s schoot. Tijdens de 16de eeuw werd Maria steeds meer afgebeeld als volwassen vrouw, staand of zittend naast Anna.

‘Anna ten Drieën’ of ‘Annatrits’ is een voorstelling uit de christelijke iconografie van de heilige Anna met haar dochter Maria en haar kleinzoon Jezus. In de 15de eeuw was Anna één van de grootste en meest geliefde heiligen. Na de Reformatie neemt de verering van de heilige Anna sterk af.

Simon de Pape

Voor wie de 17de eeuwse religieuze schilderkunst van Vlaanderen kent zal de naam Simon de Pape bekend in de oren klinken. Simon II de Pape (1623-1677), schilder van het Sint-Martinusdoek, was een zoon van Simon I de Pape (1585-1636) en een broer van Joos de Pape (1607-1646).
Deze Oudenaardse kunstenaars blonken uit in architectuur, schilderkunst en edelsmeedkunst. Meerdere kinderen van Simon II volgden in hun voetspoor. De drie mannen mochten helaas niet oud worden. Vader Simon was één van de slachtoffers van de pest in Oudenaarde.

Meerdere kerken in onze streek, maar zeker ook daarbuiten, mogen een ‘Simon de Pape’ tot hun kunstpatrimonium rekenen.

Houtsnijwerk uit de 18de eeuw

Het beeld van Jezus aan het kruis in gepolychromeerd hout dateert uit de 18de eeuw. De kunstenaar heb ik niet kunnen achterhalen.

Een kleurrijk retabel

Een ‘retabel’ is een liturgisch kunstwerk dat (meestal) achter het altaar wordt geplaatst. Het woord is afkomstig van ‘retro’ (achterkant) en ‘tabula’ (bord). Het bestaat vaak uit meerdere panelen waarop een voorstelling staat van Bijbelse personen en verhalen, van heiligen en soms van de schenkers van het altaarstuk.

Het retabel in de kerk van Volkegem is een half verheven beeldhouwwerk van de hand van R. Van Caelenberg. Het werd gemaakt in 1906. Het gesculpteerde werk in hout is neogotisch van stijl en polychroom.

Jacobus en Francies Hubeau, Oostvlaamse orgelbouwers

Jacobus Hubeau (Nukerke 1754-1839) was smid maar ook orgelbouwer. In 1812 stond er reeds een orgel van Hubeau in de kerk van Volkegem. Dat kostte 100 gulden. Maar in 1821-1822 bouwt Jacob samen met zijn zoon Franciscus (Nukerke, 1785-1862) ‘het nieuwe orgel’ dat bewaard is gebleven.

Het nieuwe orgel kostte 350 gulden voor vader Jacobus en 12,197 gulden voor zoon Francies. Het oude, kleinere orgel neemt Jacob terug en naar alle waarschijnlijkheid verkoopt hij het in 1824 aan de protestantse kerk van Horebeke (gehucht Korsele). Helaas zult u het daar niet meer terugvinden, want het kleine orgel deed slechts tot 1853 dienst in de kerk op Korsele.
Wie meer wil lezen over de details van dit unieke orgel kan ik verwijzen naar de volgende website: Het Hubeau-orgel van Volkegem.

We weten dat er voor de Sint-Laurentiuskerk van Ename in augustus 1815 ook een orgel gekocht werd van Jacob Hubeau. Dat kostte de parochie 500 gulden. De kerk in Ename beschikte reeds over een Van Peteghemorgel. Het is (nog) niet duidelijk of Hubeau het nieuwe orgel in de oude Van Peteghemkast bouwde of dat er een tweede orgel is gekomen.

Het orgel van Volkegem onderging na 1822 enkele kleine wijzigingen, maar in 1982-1984 werd het gerestaureerd naar zijn oorspronkelijke staat.
Op het orgelfront is een paneel met polychrome versiering aangebracht (muziekinstrumenten en een slang) en het doksaal waar het orgel zich bevindt is smaakvol en kleurrijk versierd met oude banieren.

Vader en zoon Hubeau woonden in de Weitstraat in Nukerke. Francies bleef ongehuwd.
Voor wie houdt van etymologie: ‘weit’ is het Oudnederlands woord voor ‘tarwe’. Het woord kent zijn oorsprong in het Germaans.
De Weitstraat (ook Wytstraat genoemd in die periode) ligt in het oude gehucht Boskant. Het is de buurtschap die tegen het Fiennesbos aanligt. En het Fiennesbos was ooit deel van het grote boscomplex ‘Poodsbergbos’, het grensbos tussen Vlaanderen en Henegouwen.

Volkegem in poëzie

v o l k e g e m

dromerig en stil
toeft haar hart op deze heuvel
ze bladert door haar verhaal
van oude dagen en weleer
ze laat zich niet verstoren
door nieuwerwets gedruis
ze weet
ook dit gaat voorbij

dan doopt ze haar pen
in hemelsblauwe inkt
en voegt ze de zucht
van weer een eeuw
toe aan haar jaren
dan ziet ze op van 
het boek in haar schoot
en kijkt uit over de vallei
met een glimlach

want niets is hoorbaar
enkel het neuriën 
van haar bronnen
niets beweegt 
enkel het pad dat zich 
omhoog slingert tot aan
de toren van haar kerk

en de pelgrim drinkt
haar rust
bij het haardvuur 
in de herberg 



Ilse Bostyn
Ename,
12 februari 2022

Het verhaal van een dorp en haar kerk

Ik hoop dat u genoten heeft van deze kleine ontdekkingstocht. Vanzelfsprekend heb ik in dit artikel niet álles behandeld. Wellicht groeit het mettertijd.
Wanneer u in de buurt van Volkegem bent… ga zeker eens een kijkje nemen in dit prachtige dorpje. De Sint-Martinuskerk is open in het weekend (Open Kerken 2022). Andere kerken in de nabije omgeving, zoals de duizendjarige Sint-Laurentiuskerk van Ename zijn ook meer dan de moeite waard om te bezoeken. (Open Kerken 2022, parochie Oscar Romero)

Sint-Martinuskerk Volkegem – banier van Sint-Martinus – foto Ilse Bostyn

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s